08-07-08

2. Obligate (en ingekorte) inleiding.

Roland werd in Gent geboren in 1933 en leek lange tijd voorbestemd om zijn vader op te volgen. Die leidde een goed draaiend transportbedrijf. Roland stopte op zijn zeventiende al met school om bij vader Verbraeken met de camion te gaan rijden.
Roland Verbraeken bezocht voornamelijk klanten in Frankrijk en sporadisch ook in Italië. De Franse bloemisten waar hij langs moest, waren verspreid over het hele land. Er waren nog geen autowegen en één levering nam toch gauw een volle week in beslag. Om de vrachtwagens niet leeg te moeten laten terugkeren, ging Roland Verbraeken na het bezoek aan de bloemisten wijn laden. Vader Verbraekens transportfirma had in Vlaanderen een cliënteel van wijnhandelaars waarvoor ze
marchandise meebrachten uit Frankrijk. Ook grote traiteurs en restaurateurs die veel wijn nodig hadden deden een beroep op hen. Op die manier zette Roland erbraeken zijn eerste stapjes in de wereld van de wijn. “Ik raakte voornamelijk in de Rhône en in de Bourgogne bevriend met enkele wijnboeren. Bij sommigen mocht ik mee-eten als ik kwam laden en bij sommigen moest ik zelfs niet in mijn vrachtwagen slapen omdat ze voor mij een bed klaar hadden staan. In de Bordeauxstreek was dat minder het geval. Om te beginnen waren ze daar wat meer uit de hoogte en bovendien had je daar op de grote domeinen zelden contact met de eigenaars. Daar moest ik het doen met de maître de chai en die kon zich natuurlijk niet permitteren om me uit te nodigen in het kasteel van zijn baas. Het zal u niet verwonderen dat ik liever ging laden bij de kleine wijnboertjes ”

Vanaf dan volgde Roland tal van cursussen, werkte even bij ‘wijnen Lambrecht en ging in de weekends aan de slag bij het inmiddels verdwenen restaurant De Gambrinus in Zwevegem.“De patron was Harold Follet en die overhaalde Roland om de cursus sommelier te volgen, wat hij ook succesvol deed.
In 1971 had hij een nieuw idee. In Bordeaux werden tijdens de schoolvakanties zogenaamde
Cycles de vacances georganiseerd aan de wijnuniversiteit. “Roland, dat is iets voor ons!”, vertelde hij enthousiast. “We gaan daar ongelooflijk veel leren over wijn! Daar moéten we naartoe!” Dat laatste idee uit de trommel van Follet ging voor Roland wel erg ver. “Je mag niet vergeten dat ik getrouwd was en vier kinderen had. Die cursus volgen vroeg dus toch een zekere opoffering. …” In Bordeaux kregen de twee onder meer les van de legendarische oenoloog Émile Peynaud (° 29 juni 1912 in Madiran, + 18 juli 2004 in Talence nabij Bordeaux).
Peynaud ging als 15-jarige als kelderhulpje aan de slag bij négociant Maison Calvet. Later werkte hij er onder chemisch ingenieur Jean Ribéreau- Gayon, die vaak beschouwd wordt als de vader van de moderne oenologie.
Hij moest er helpen bij de analyses van de wijn. In 1946 doctoreerde hij aan de ijnuniversiteit van Bordeaux en hij werd er professor oenologie. Hij zette een te revolutie in gang in de toenmalige wijnwereld. Hij overtuigde wijnboeren m hun druiven twee weken later te plukken dan ze gewoon waren en om de ogst zo snel mogelijk binnen te halen, hij promootte het triëren van de druiven n het apart vinifiëren van verschillende percelen, ontdekte het belang van de econtroleerde fermentatietemperaturen én van een gecontroleerde malolactische
gisting enzovoort.
Omdat hij inging tegen zowat alle traditionele methodes die de wat verstarde ijnboeren van Bordeaux al generaties lang gebruikten, kreeg hij in de jaren 50 en ’60 heel wat tegenwind. Er werd zelfs gesproken over de
Peynaudisation an Bordeaux, waarbij de eigenheid van de wijnboeren zou verloren gaan. Het egendeel bleek waar, want zijn werk kwam alleen maar de kwaliteit van de ijnen ten goede. Hij werd ook een van de eerste “vliegende wijnmakers” en
was leermeester van onder meer Michel Rolland.
Maar dat was hij dus ook van
onze Roland. Die herinnert zich Peynaud als een eer charmant en minzaam man en een begenadigd proever. “Hij was toen al zeer egeerd als adviseur door wijnboeren, maar wegens tijdsgebrek beperkte hij ch tot Frankrijk. Hij was tegelijkertijd immers ook nog directeur van het Station enologique, waar onder meer onderzoek gebeurde naar resistentie en zo. Later eidde hij zijn consultant-opdrachten uit tot de hele wereld. Ik heb hem nog eens in Frankrijk ontmoet in 1974. Ge hebt geluk, zei hij, ik ben juist op ronde. Als het u interesseert, ga gerust eens mee. En ik mocht een hele voormiddag met hem mee langs de châteaus waar hij raad ging geven. Dat ging met een vaart, hoor! De wijnboer legde zijn probleem voor, eynaud gaf meteen een advies en op één-twee-drie was hij al op weg naar een andere klant.”
Flink bijgeschoold kwamen de twee boezemvrienden terug uit Bordeaux en nog hetzelfde jaar deed Roland Verbraeken opnieuw mee aan de wedstrijd voor
Eerste Sommelier van België.

pvdw


 

08:30 Gepost door vinejo | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.