16-08-06

Juicht, jubelt en zingt hoezee..

..het vervolg van ' t verhaal van PvdWee !

Chateau d’Elle: une femme, un vin ( deel 2 ) 

Jocelyne Pécou is al een jaar of vijftien aan de slag in de wijnstiel. Tot 2003 was ze wijnmaker én commercieel verantwoordelijke voor een wijnhuis in Bergerac. “Maar ik mocht er niet echt mijn zin doen”, vertelt ze. “Ik wilde van alles uitproberen, maar dat kon niet. En daarom kocht ik in 2003 mijn eigen chateau.”

Nouja, chateau.. Toen we de stoffige oprijlaan opreden zagen we eind verderop, verscholen tussen het groen (neen: niét de torens oprijzen van een statig kasteel) een eenvoudige woning met wat bijgebouwtjes staan. “Je viens tout de suite”, riep een schaars geklede dame ons een beetje verveeld vanuit de verte toe. Vijftig seconden later kwam dezelfde vrouw ons breed glimlachend én volledig gekleed begroeten. “Il fait chaud, hein ! », probeerde ik op gevatte en originele wijze het ijs (hum) te breken. “Mais entrez, entrez!”, leidde ze ons naar een eenvoudig proeflokaaltje.

De kinderen gingen opvallend rustig aan het tafeltje zitten. “Brave jongens, hoor!” stelde ze meteen vast. “’t Is hier te heet om in de gordijnen te klimmen”, dacht ik bij mezelf.

Het Château d’Elle is niet echt een superdomein. Jocelyne Pécou bezit nauwelijks twee hectare wijnstokken waarvan ze haar “Pécharmant au Féminin” maakt. De flessen dragen een etiket waarvoor ze het logo wellicht gekregen heeft van het naburige schoonheidsinstituut “Beau et Propre”, dat al sinds het begin van de jaren vijftig met wisselend succes uitgebaat wordt door een dame die als twee druppels water lijkt op Mieke Van Hecke, de baas van het Vlaams katholiek onderwijs.

Gelukkig heeft Pécou meer gevoel voor het maken van wijn dan voor de wereld van de grafische vormgeving. Haar 2003 is samengesteld uit 45% merlot, 35% cabernet sauvignon en 20% cabernet franc. Om de opbrengst te verminderen knipt ze enthousiast groene druiven af (vendange verte) en om de overblijvende druiven meer zon te geven haalt ze dan nog eens bladeren weg (éfeuillage). “Al zou ik het wel willen, echt biologisch kan ik niet werken”, geeft ze toe. “Ik zit hier geprangd tussen twee gigantische domeinen die helemaal niet bio werken. Als ik dan als dwerg alle bestrijdingsmiddelen zou afstrijden, komt alle ongedierte en onkruid op mijn twee hectare kamperen. Maar niettemin probeer ik me toch aan de “lutte raisonable” te houden. Alleen sproeien als het nodig is, gras laten groeien tussen de wijnranken zodat er meer concurrentie is…”

Haar wijn rust zeven maanden op eiken vaten. “Dat is weinig in vergelijking met mijn collega’s hier, ik weet het”, geeft ze toe. “Maar dat is net mijn punt. Mijn wijn hoeft niet te smaken zoals alle andere hier. Dan was ik beter gebleven waar ik zat. Iemand zei me ooit dat mijn wijn ‘atypique’ is voor deze streek. Ik beschouw dat als een compliment. Mijn wijn is gemaakt door een vrouw en dan nog door eentje die de platgetreden paadjes niet volgt. Dat mag je smaken. Men zegt dat wijn lijkt op degene die hem maakt. Ik zeg nog méér: wijn lijkt op wie hem respecteert en hem begeleidt naar zijn “prison provisoire”: de fles!”

Ondanks de bevangenheid in het proeflokaal werd het meer en meer wat men in Hollandse praatprogramma’s “een lekker gesprek” noemt. “Weet je wat, ik heb hier nog iets staan dat ik jullie wil laten proeven”, stelde ze voor, als wilde ze een officieel verbond van goede verstandhouding sluiten. “Mijn allereerste oogstjaar, 2003, was een uitzonderlijk warm jaar met een schitterende najaar. Bij de oogst in augustus – wéken vroeger dan normaal – heb ik aan elke “pied” één tros druiven laten hangen. Een probeersel. Die druiven heb ik pas op 6 november geoogst en daar zijn een zeer beperkt aantal flesjes van gemaakt. Geïnteresseerd?” Van puur enthousiasme ging het zweet nu nog intenser van mijn gezicht lopen. “Ja sorry, dié wijn is niet gekoeld. Ik had niet gedacht dat ik hem nodig zou hebben. Je moet hem maar in gedachten een graad of tien koeler proeven.” Wat mijn vrouw en ikzelf in ons glaasje kregen was pure godendrank. Ik had iets zoets verwacht, maar de wijn was perfect droog gevinifieerd. Schitterende aroma’s, een magnifieke mondvulling maar vooral een concentratie waar Robert Parker punten te weinig zou voor hebben.  Ik vergat de eerder gedronken wijnen, ik vergat de hitte, ik had geen last meer van de bevangenheid… Alles werd wijn.

Natuurlijk laadden we enkele flesjes in. Niet goedkoop, maar soit. “Voor uw verjaardag, uw Nieuwjaar en uw vaderkesdag samen”, stelde mijn vrouw voor. Voorzichtig reden we naar huis. Het ging traag, maar dat gaf niet.

 

pvdwzwart

 

16:18 Gepost door vinejo | Permalink | Commentaren (4)

Commentaren

you lucky bastard... De laatste zin werd er eigenlijk uit geknipt:
En terwijl ik met een smile van zijruit tot zijruit in de wagen zit na te genieten en al denk aan die eerste fles die ik thuis (op de gewenste temperatuur) zal openen, vergaan vrouw en kinderen in die oven die de auto nog steeds is, van de hitte...

Gepost door: Bert | 16-08-06

Interessant , het verhaal... en dat zal de wijn heel zeker ook zo zijn!
Wat is er mis met haar gevoel ivm grafische vormgeving?
Smaak is (weeral zoals met de wijn) persoonlijk en dit wijnfleskleedje vind ik, persoonlijk, niet mis!
PvdW heeft OOK een vlotte pen en OOK een wijze vrouw! (die cadeautip!)

Ik vermoed dat je de laatste dagen weer veel aan het "proeven" bent en dat je daarom je correspondent inschakelt !?

Gepost door: wina | 18-08-06

Geloof het of niet, Wina ( m'n lieve wijnmoeke ) maar ik was deze week zelf wat wijnmoe...

Groetjes !

Gepost door: vinejo | 20-08-06

euh, als ik mag kiezen, ik geloof je NIET ! Maar ...ik geloof wel graag wat er tussen haakjes staat!
Heel lief van je, maar waar haal je dat toch weer uit?!

Gepost door: wijnmoeke | 22-08-06

De commentaren zijn gesloten.